Je baarmoeder voor, tijdens en na de zwangerschap

Er gebeurt heel wat in je lichaam voordat je zwanger wordt, laat staan tijdens en na je zwangerschap. Zo heb je elke maand een nieuwe cyclus om je baarmoeder voor te bereiden op een zwangerschap. Tijdens je zwangerschap wordt hij 500 keer zo groot en 10 keer zo zwaar. Om na je bevalling vervolgens weer terug te krimpen naar de normale staat. Best bijzonder, dit orgaan! In dit artikel lees je wat er met je baarmoeder gebeurt voor, tijdens en na je zwangerschap.

De baarmoeder en baarmoederwand

De baarmoeder ligt in de bekkenholte achter de urineblaas en voor de endeldarm. Dit peervormige orgaan wordt door banden op zijn plek gehouden. De baarmoeder bestaat uit twee delen: het lichaam en de baarmoederhals. Het baarmoederlichaam wordt door de eileiders verbonden met de eierstokken. De baarmoederhals staat via de baarmoedermond verbonden met de vagina.

De baarmoederwand bestaat uit 4 lagen. De buitenste laag is glad spierweefsel dat er tevens voor zorgt dat je baarmoeder gaat samentrekken tijdens je bevalling. Deze samentrekkingen zijn weeën. De tweede laag bestaat uit spieren en bloedvaten en de derde laag uit ringvormig spierweefsel. De vierde laag is het baarmoederslijmvlies wat uit de basale en de functionele laag bestaat. De functionele laag verlies je elke maand door je menstruatie en groeit daarna weer aan. In de basale laag nestelt zich een bevruchte eicel.

De belangrijkste functies van je baarmoeder rondom je zwangerschap

Rondom je zwangerschap vervult je baarmoeder een aantal belangrijke functies:

  • De innesteling
    Vlak na de bevruchting begint de eicel zich te delen. Dit klompje cellen reist via de eileider naar de baarmoeder, om zich vervolgens in te nestelen in het slijmvlies van de baarmoederwand. De innesteling vindt ongeveer 8 dagen na de bevruchting plaats en kan mogelijk een innestelingsbloeding veroorzaken. Na de innesteling begint je lichaam met het aanmaken van HCG. Dit is het hormoon wat een zwangerschapstest kan meten.
  • Bescherming van je baby
    Samen met het vruchtwater is je baarmoeder 9 maanden lang een beschermde omgeving voor je baby. Tot 14 weken wordt het vlies waarin je baby groeit langzaam gevuld met vruchtwater. Het vruchtwater werkt als een soort stootkussen en beschermt je baby als jij je beweegt of je buik stoot. Daarnaast beschermt het tegen infecties en zorgt het voor een constante temperatuur in je baarmoeder. Als je baby een slokje neemt traint hij zijn ademhalingsstelsel en spijsvertering.
  • Je bevalling
    De bevalling begint meestal met ontsluitingsweeën; samentrekkingen van de baarmoeder, of met gebroken vliezen. De weeën rekken het onderste deel van de baarmoeder en de baarmoedermond uit. Hierdoor opent de baarmoedermond en kan de baby indalen. Bij een diameter van 10 centimeter is er volledige ontsluiting en mag je gaan persen. Na de geboorte van de baby moet de placenta er ook uit, ook wel nageboorte genoemd.

Je baarmoeder voor je zwangerschap

Elke maand maakt je baarmoeder zich klaar voor een eventuele bevruchting van een rijpe eicel. Het hormoon progesteron zorgt ervoor dat het baarmoederslijmvlies dik genoeg wordt, zodat de bevruchte eicel zich erin kan nestelen. Als dit niet gebeurt, dan sterft de eicel af. Je lichaam ruimt dit zelf op door zo’n 14 dagen later de binnenste laag van je baarmoederwand af te scheiden. Dit is je menstruatie. Als de bevruchte eicel zich wel innestelt, dan ben je zwanger.

Je baarmoeder tijdens je zwangerschap

Tijdens je zwangerschap groeit je baby en daarmee ook je baarmoeder. Tijdens elk bezoek aan de verloskundige of gynaecoloog wordt de groei van je baarmoeder opgemeten. Door de positie van de bovenrand ten opzichte van het schaambot en de navel te voelen, wordt de fundushoogte opgemeten. De fundushoogte bepaalt hoeveel weken je ongeveer zwanger bent en of je baby goed groeit.

Je baby kan groeien met behulp van de placenta, die aan de baarmoederwand vastzit. De placenta bestaat uit 2 delen; een deel van de moeder en een deel van de baby. Zo blijven de bloedbanen van moeder en baby gescheiden. De navelstreng verbindt je baby met de placenta en krijgt zo alle voedingsstoffen en zuurstof binnen die hij nodig heeft.

Je baarmoeder na je zwangerschap

Na de bevalling keert je baarmoeder weer in de oude vorm terug. Dit gebeurt met behulp van naweeën en duurt ongeveer 3 tot 4 dagen. Als je borstvoeding geeft voel je de naweeën extra goed; dit komt door het hormoon oxytocine dat vrijkomt tijdens het voeden. Daardoor krimpt je baarmoeder ook wat sneller dan als je flesvoeding geeft. De eerste weken na de bevalling verlies je bloed, soms met flinke stolsels. Dit komt door de wond die de placenta heeft achtergelaten in de baarmoederwand.

Na een paar weken of maanden begint je menstruatie weer. Het exacte moment verschilt per vrouw en kan langer op zich laten wachten als je borstvoeding geeft. Houdt er in ieder geval rekening mee dat je dan ook weer vruchtbaar bent. 

Gerelateerde artikelen