Licht urineverlies

Als je hard moet lachen, hoesten of niezen kan het zomaar zijn dat je wat druppeltjes urine verliest. Soms zelfs nog wat meer, met name als je in de laatste maanden van je zwangerschap bent. Best vervelend en ook een beetje ongemakkelijk. Helaas wordt er niet veel over gesproken, maar je bent echt niet de enige.

Na de bevalling verdwijnen de klachten meestal vanzelf. Wat is normaal en wat kun je doen?

Urine-incontinentie tijdens de zwangerschap ontstaat door een tweetal factoren:

  • verslapping van de bekkenbodem
  • extra druk op de bekkenbodem

Je bekkenbodem bestaat uit bindweefsel en spieren. Deze zijn als een soort hangmatje gespannen onder in je buik. Dit zorgt voor ondersteuning van de organen en deze bekkenbodemspieren zorgen ervoor dat je ontlasting en urine kunt ophouden. Tijdens een zwangerschap veranderen de hormonen de samenstelling van het bindweefsel en de spanning van de spieren. De bekkenbodem wordt hierdoor slapper.

Ook neemt door de groei van je baarmoeder en je baby de druk op de bekkenbodem toe. Daardoor moet je al vaker naar het toilet als je zwanger bent. Als je lacht, hoest, niest of tilt heeft dat extra effect. Dan kan het voorkomen dat de sluitspier en de spieren van de bekkenbodem onvoldoende tegendruk kunnen geven, waardoor je een paar druppeltjes urine verliest.

Als het meer is dan een paar druppels, spreek je van stressincontinentie. Stressincontinentie komt vaker voor in de laatste maanden van de zwangerschap. Aan het eind van de zwangerschap heeft 50 tot 70% van de vrouwen last van ongewild urineverlies.

Wat kun je doen?

  • Plas je blaas zo goed mogelijk leeg.
  • Door tijdens de zwangerschap je bekkenbodemspieren geregeld te oefenen, beperk je urineverlies tot een minimum. Het helpt straks ook bij het herstel na je bevalling.
  • Ga regelmatig naar het toilet, ook al voel je geen aandrang. Zo voorkom je ongelukjes.
  • Wacht zeker niet tot je blaas vol is.
  • Ga niet minder drinken om urineverlies tegen te gaan. Dat kan schadelijk zijn voor jou en je baby.
  • Stressincontinentie kan op een infectie wijzen. Praat er daarom over met je verloskundige of huisarts.
  • Ook kun je een zwangerschapscursus volgen waarbij er extra aandacht is voor de functie van de bekkenbodem.

Is het vruchtwater?

Het onderscheid tussen vruchtwater en urine is moeilijk te zien. Vandaar dat je je aan het einde van je zwangerschap kunt afvragen wát er nu is vrijgekomen. Als je vliezen breken, komt er meestal wat meer vocht vrij. Een enkele keer heel weinig als er bijvoorbeeld een scheurtje in de vliezen zit. Meestal kun je het ruiken: vruchtwater ruikt zoet, weeïg en is meestal melkachtig of kleurloos met witte vlokjes (huidsmeer van je baby).

Als je denkt dat je vruchtwater verliest, neem dan direct contact op met je verloskundige. Zij kan onderzoeken of je inderdaad vruchtwater verliest. Probeer in ieder geval wat vocht op te vangen in een glaasje om het af te geven.

Blaasontsteking

Tijdens de zwangerschap komt blaasontsteking vaker voor dan anders. Je hebt medicijnen nodig om het te verhelpen. Symptomen zijn: aandrang en pijn bij het plassen terwijl er slechts enkele druppels komen, sterk ruikende, troebele urine of bloed bij de urine. Ook als je deze klachten niet hebt, kun je een blaasontsteking hebben. Je voelt dan pijn in de onderbuik en hebt last van harde buiken.

Je kunt blaasontsteking proberen te voorkomen door veel te drinken. Bacteriën krijgen zo geen kans om in je blaas achter te blijven, omdat je vaak gaat plassen. Plas ook voor het slapengaan en na het vrijen. Heb je een blaasontsteking, dan schrijft de arts je een antibioticumkuur voor. 

Heb je vragen over urineverlies of over je bekkenbodem? Stel ze aan bekkentherapeut Miranda Lindenhoff van het WIJ Deskundigenpanel.