De rol van de verloskundige

Als je in Nederland zwanger bent, word je begeleid door een verloskundige. Je gaat regelmatig voor controle naar de verloskundigenpraktijk. De verloskundige is ervoor opgeleid om de gezondheid van jou en je baby in de gaten te houden. Als er een medische indicatie is, bezoek je de gynaecoloog in het ziekenhuis.

Zwangerschapsbegeleiding

Vanaf ongeveer je achtste zwangerschapsweek krijg je begeleiding van een verloskundige, in de vorm van controles. De verloskundige begeleid je tijdens je zwangerschap, bevalling en kraamperiode. Ze houdt je gezondheid in de gaten en checkt regelmatig of je je emotioneel goed voelt. Daarnaast voelt ze of de baby zich goed ontwikkelt. Ze geeft je informatie en advies over je zwangerschap en bereidt je voor op de bevalling. Ook heeft ze een belangrijke rol in het signaleren van eventuele complicaties. Gedurende je zwangerschap worden o.a. de volgende gegevens bijgehouden:

  • Gewicht
  • Bloeddruk
  • Urine
  • Baarmoederstand
  • Harttonen

Wanneer ga je voor controle naar de verloskundige?

  • week 8 t/m 24: elke 4 weken
  • week 25 t/m 30: elke 3 weken
  • week 31 t/m 36: elke 2 weken
  • week 37 t/m 42: elke week

Anna: “Mijn verloskundige gaf mij door haar tijd en aandacht steeds het vertrouwen dat ik zelf ‘in control’ was. Daarbij was het heel prettig dat ik mijn hele zwangerschap lang dezelfde verloskundige had.”

Echoscopie

Tijdens je zwangerschap krijg je in ieder geval twee echo’s; aan het begin van je zwangerschap krijg je de termijnecho, rond de 20 weken de screeningsecho. Bij het maken van een echo wordt hoogfrequent geluid door de buik gezonden. De teruggekaatste geluidsgolven worden zichtbaar gemaakt op een beeldscherm, waardoor de placenta en je baby in beeld worden gebracht. Zo kan de groei en ontwikkeling gemonitord worden.

Gewicht

Bij elke zwangerschapscontrole wordt je gewogen. Dit om te voorkomen dat je teveel aankomt of afvalt. Aan de hand van je gewicht kan de verloskundige je een bepaald voedingspatroon adviseren. Een te grote toename in gewicht kan betekenen dat je te veel vocht vasthoudt, wat een signaal van pre-eclampsie kan zijn.

Bloeddruk

Ook je bloeddruk wordt regelmatig gecontroleerd. Is er een acute stijging van je bloeddruk, dan word je meestal doorverwezen naar een gynaecoloog. Afhankelijk van je zwangerschapsduur zal hij je medicijnen of een dieet voorschrijven.

Bloed

Naast het vaststellen van de bloedgroep van jou en je baby, is bloedonderzoek van belang voor het opsporen van ziektes en eventuele afwijkingen als onderdeel van prenatale screening. Verder wordt je bloed gecontroleerd op glucose- en ijzergehalte.

Urine

Je urine kan onderzocht worden op suiker en eiwitten. Normaal gesproken komen die stoffen niet in je urine voor, maar er kan aanleiding zijn om dit toch te onderzoeken. Eiwit in je urine kan bijvoorbeeld duiden op een blaasontsteking of op pre-eclampsie. Suiker in je urine kan wijzen op zwangerschapsdiabetes.

Baarmoederstand

Bij elke controle wordt je baarmoederstand gecontroleerd. Aan de hand van de hoogte en de grootte van de baarmoeder kan de verloskundige je zwangerschapsduur vaststellen. Ook een groeiachterstand of een te grote baarmoeder worden zo opgemerkt.

Harttonen

Bij elke controle luistert de verloskundige met behulp van de zogenaamde Doptone naar het hartje van je baby. Jij kunt ook meeluisteren. In principe is dit mogelijk vanaf 12 weken, maar soms kan dat nog te vroeg in de zwangerschap zijn. Het luisteren naar het hartje van je baby is vaak een emotioneel moment, zeker als het de eerste keer is!

Extra onderzoek

Als er erfelijke ziektes of aangeboren afwijkingen in je familie voorkomen, is het goed om tijdens je zwangerschap langer stil te staan bij de gezondheid van je kind. Dit geldt ook als je bijvoorbeeld ouder bent dan 36 jaar. Volgens de statistieken is de kans op een kind met een aangeboren afwijking dan groter. Het feit dat je behoort tot één van de zogeheten risicogroepen wil overigens helemaal niet zeggen dat je kind niet gezond zal zijn. Andersom geldt hetzelfde: dat je niet tot een risicogroep behoort, geeft ook geen garantie op een kerngezonde baby.

Met behulp van prenatale screening kun je laten testen of je baby een afwijking heeft. In gesprekken met een erfelijkheidsdeskundige kunnen ouders vragen stellen over de eventuele geconstateerde afwijkingen. Dit helpt bij het nemen van de beslissing om het kind wel of niet te laten komen of juist om goed voorbereid te zijn op de toekomstmogelijkheden van het kind.

Heb je extra zorgen door bijvoorbeeld financiële of psychische problemen? Of ben je erg jong zwanger geraakt? Dan bestaat er vanuit het consultatiebureau de mogelijkheid voor prenatale huisbezoeken. Als je daar behoefte aan hebt, seint je verloskundige de jeugdverpleegkundige in. Zo kun je tijdens een huisbezoek jouw zorgen bespreken en eventuele hulp inschakelen.

Op zoek naar een verloskundige bij jou in de buurt? Check dan mamazoekt.nl.