
Altijd aan, altijd moe: 4 experts over stress bij ouders en wat er écht anders moet
Nederland telt ruim vijf miljoen ouders. Ze staan altijd aan en voelen zich vaak uitgeput en opgejaagd. Dit blijkt uit de Staat van Gezinnen 2026 waarbij WIJ is betrokken. Stress is de norm geworden. Vier experts vertellen waarom, en wat er moet veranderen.
In dit artikel
- Onderzoek 2026: ‘Stress onder ouders in jaren niet zo hoog’
- Gynaecoloog Hilmar over wat stress doet als je zwanger wilt worden of bent
- Kinderarts Ineke over de impact van stress op een jong gezin
- Beleidsadviseur Coos over hoe werkgevers het verschil kunnen maken
- Expert werk & ouderschap Annemie: 4 concrete tips om een burn-out te voorkomen
Je staat altijd aan, je bent voortdurend bezig en alles vraagt direct aandacht. En met je partner ben je meer aan het onderhandelen wie wanneer een avondje kan sporten dan elkaars partner te zijn - Ouder, Staat van Gezinnen 2026
Onderzoek 2026: ‘Stress onder Nederlandse ouders in jaren niet zo hoog’
Via het onderzoek Staat van Gezinnen, waar ook WIJ bij betrokken is, wordt jaarlijks gepeild hoe het met ouders in Nederland gaat. De resultaten uit het onderzoek van dit jaar liegen er niet om: ouders ervaren bijna altijd stress, net zoveel als tijdens de corona lockdown toen we gedwongen thuis zaten.
Feiten & cijfers op een rij
Uit het onderzoek Staat van Gezinnen 2026 blijkt het volgende.
- Stress onder ouders: van ‘soms’ naar ‘altijd’.
- 4,5% van de ouders zegt de afgelopen drie maanden nooit gestrest te zijn geweest.
- 49,3% zegt soms stress te hebben.
- 39,0% zegt vaak stress te hebben.
- 7,2% zegt altijd gestrest te zijn.
- 68,5% van de ouders vindt het erg dat ze deze stress hebben.
- Bij lage inkomens (onder de mediaan) zegt 60,3% vaak of altijd gestrest te zijn.
- Bij hoge inkomens (meer dan 1,5× de mediaan) is dat 41,3%. Stress is universeel, maar raakt gezinnen met minder financiële ruimte harder.
- Werk en gezin combineren? 37,6% van de ouders heeft hier vaak of altijd moeite mee.
- 30,5% maakt zich vaak of altijd zorgen over de toekomst van het gezin.
Gynaecoloog Hilmar: ‘Overmatige stress is schadelijk. En dat begint al vóór de bevruchting’
Hilmar Bijma is gynaecoloog in het Erasmus MC en hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek.
Ze ziet dagelijks vroeggeboortes, groeivertraging en ouders die overbelast zijn. Maar haar blik reikt verder dan de spreekkamer. “Complicaties die later in de zwangerschap zichtbaar worden, ontstaan vaak al vóór of vroeg in de zwangerschap. Dáár moeten we ons op richten.” Onderzoek laat zien dat ernstige stress al vóór de bevruchting invloed kan hebben op zaad- en eicellen. Deze vormen de basis voor de ontwikkeling en gezondheid van een kind. Factoren als stress, voeding, roken en alcohol hebben in die eerste fase al effect. De basis voor een gezonde start wordt dus al heel vroeg gelegd.
Wat stress doet als je zwanger bent
Zodra de moederkoek is aangelegd, kunnen stresshormonen het kind via de placenta bereiken. Maar er is meer. Hilmar: “Bij stress schakelt het lichaam over op overleven. Dat is evolutionair logisch, maar ernstige stress heeft ook een ongunstige invloed op de doorbloeding van de baarmoeder en de placenta.” Via die doorbloeding krijgt het kind zuurstof en voedingsstoffen. Als die toevoer tekortschiet, neemt het risico op groeivertraging toe.
Ook de stressgevoeligheid van een kind wordt deels gevormd tijdens de zwangerschap en de eerste maanden na de geboorte. Kinderen van moeders die veel stress ervoeren, blijken later vaker gevoeliger te zijn voor stress.
Met de paplepel ingegoten
En dan is er nog de hersenontwikkeling. Vanaf ongeveer week twintig maakt het brein van de baby een enorme groeispurt door. Per seconde worden er hersencellen aangelegd en met elkaar verbonden. “Bij ernstige stress kunnen die verbindingen verstoord raken.” Kinderen die tijdens de zwangerschap blootstonden aan langdurige stress zijn later vaker gevoelig voor angst- en depressieklachten.
Zo kunnen stress en kwetsbaarheid zich van generatie op generatie herhalen. Juist daarom begint de kans op een gezonde start al vóór de zwangerschap: door eerder het gesprek te voeren over een kinderwens en de omstandigheden daaromheen te verbeteren. Stress op zich is overigens niet het probleem, nuanceert Hilmar. “Stress hoort bij het leven en bij groei. Maar langdurige of ernstige stress, zonder voldoende veiligheid en herstel, is schadelijk.”
Gezamenlijke verantwoordelijkheid
Na de geboorte gaat de hersenontwikkeling nog jaren door. Hilmar benadrukt hoe belangrijk het contact tussen ouder en kind daarin is. “Met elke aanraking, elke blik en elk lepeltje pap bouw je letterlijk mee aan de ontwikkeling van je kind. Dat is geen mooie metafoor, dat is biologie.” Haar boodschap is helder: stop met achter de feiten aanlopen. “De grootste kansen voor een goede gezondheid liggen in de eerste 100 en 1000 dagen. Dat weten we. Maar juist in die periode is hulp het minst toegankelijk, want het minst vergoed via je zorgverzekering.” En haar overtuiging is even eenvoudig als radicaal: “Ieder kind heeft het recht om gezond aan het leven te beginnen. Dat vraagt om goede omstandigheden vóór en tijdens de zwangerschap, en om steun voor aanstaande ouders. Dat is een gedeelde verantwoordelijkheid.”
Tijdens mijn zwangerschap heb ik veel moeite gehad met blijven voldoen aan alle verwachtingen terwijl ik me erg moe en misselijk voelde - Ouder, Staat van Gezinnen 2026
Kinderarts Ineke: ‘Reken maar op een huilbaby, dan valt het alleen maar mee’
Ineke de Kruijff, kinderarts in het St. Antonius ziekenhuis, oprichter van de Babydoctors en deskundige bij WIJ, ziet dagelijks wat stress doet met jonge ouders en wat misinformatie online voor schade aanricht.
Ze begon haar loopbaan als algemeen kinderarts, maar specialiseerde zich al snel in wat ze omschrijft als één van de meest onderschatte bronnen van stress in het jonge gezin: de huilbaby. “Dertig procent van de ouders ervaart het huilen van hun baby als een probleem,” zegt ze. “Dat is best veel.”
Ineke schrok van haar eigen onderzoek en stelde zichzelf de vraag hoe de gezondheidszorg deze gezinnen beter kon helpen. Ze bouwde samen met collega-kinderarts Karola de Graaf en een team van jonge basisartsen en studenten een succesvol Instagram-kanaal op: de Babydoctors.
Misinformatie als stressmotor
“Op sociale media is heel veel informatie beschikbaar, maar ook heel veel misinformatie,” vertelt Ineke. Het probleem is niet alleen onjuiste informatie, maar ook de hoeveelheid en de toon ervan. “Slaapcoaches vertellen ouders dat hun baby door moet slapen. Maar we weten dat baby’s in het eerste jaar gewoon niet doorslapen. Als ouder krijg je een verkeerd beeld, en daardoor raak je in de war én krijg je stress.”
Ze wijst ook op het afnemend vertrouwen in instituties. “Ouders vinden dat ze zelf onderzoek moeten doen. ChatGPT is echt niet betrouwbaar voor medische vragen over kinderen, terwijl artsen amper aanwezig zijn op sociale media. Dat vacuüm wordt gevuld door influencers zonder medische achtergrond.”
De Babydoctors geeft wetenschappelijk onderbouwde informatie op Instagram. Niet vanuit een commercieel motief, maar vanuit de overtuiging dat ouders recht hebben op betrouwbare informatie. “We werken met een heel jong team: studenten en basisartsen tussen de 21 en 30 jaar. Dat is precies de leeftijdsgroep van jonge ouders die wij willen bereiken.”
Voorbereiden op het onverwachte
Ineke’s praktische advies aan zwangere stellen klinkt bijna paradoxaal: “Ga er gewoon van uit dat je een huilbaby krijgt. Dan kan het alleen maar meevallen.” Ze pleit voor proactieve voorbereiding: organiseer al hulp van vrienden en familie voordat het nodig is. “Als alles goed gaat, zeg je het gewoon af. Maar de kans is groot dat je er dankbaar gebruik van maakt. Zelfs als je geen huilbaby blijkt te hebben.”
De diepere boodschap die Ineke meegeeft: begin bij jezelf. “De baby is een eigen persoontje. Die is niet maakbaar. En een gebruiksaanwijzing voor je baby krijg je niet. Je kent je baby simpelweg nog niet. Op jezelf heb je wél invloed. Jij kent jezelf beter, je weet wat werkt en wat niet. Begin daar.” En vergeet het zuurstofmasker advies in het vliegtuig niet. “Eerst voor jezelf zorgen, dan voor je kind. Dat weten ouders wel, maar ze doen het niet. Ze verwaarlozen zichzelf, dat is eigenlijk best verdrietig.”
Ik vond de eerste maanden met een baby erg intens. Prachtig, maar ook pittig. Ik was hier niet genoeg op voorbereid. - Ouder, Staat van Gezinnen 2026
Beleidsadviseur Coos: ‘Werkgevers kunnen het verschil maken - als ze luisteren’
Coos van der Pol werkt als beleidsadviseur bij vakbond FNV. Ze kent de cijfers en hoort dagelijks de verhalen van werkende ouders.
Volgens haar kraakt het systeem rond werk en zorg. “We zien allerlei signalen: een toenemend aantal jonge vrouwen in de WIA, parental burn-outs, minder vrouwen die financieel onafhankelijk zijn dan we zouden willen. Maar niemand zegt hardop: dit heeft allemaal met jonge gezinnen te maken. Eén en één is twee.” Ze ziet hoe sectoren én ministeries te veel langs elkaar heen werken, terwijl werkgevers juist een grotere rol kunnen spelen in het verlichten van de druk op jonge ouders.
De keerzijde
Haar blik is breed. Ze heeft zelf geen kinderen, maar volgt het nauw via collega’s en vrienden. “De druk op jonge vrouwen is enorm: carrière maken, een goede dochter, partner én vriendin zijn. En dan ook nog eens: alles móet leuk zijn.” Dat beeld, dat je alles kunt hebben, heeft een keerzijde, zegt Coos. “We dachten dat je het allemaal kon. Maar het gesprek is nu eindelijk gaande dat je het niet allemaal tégelijk kunt. En dat het systeem ook gewoon niet klopt.”
Meer verlof, minder stress
Verlof is één van de belangrijkste factoren om stress bij (jonge) ouders te verlagen. Partnerverlof is uitgebreid naar vijf weken, maar dat lost lang niet alles op. “Met name de laagste inkomens kunnen de daling in inkomen niet rondbreien doordat slechts zeventig procent wordt vergoed.” Coos wijst erop dat de helft van de cao’s inmiddels ruimere verlofafspraken heeft dan wettelijk verplicht. “Maar de andere helft dus niet en niet iedereen valt onder een cao. Er is nog heel veel te winnen. Werkgevers die een stap naar voren doen en verlof aanvullen tot honderd procent, hebben voor een dubbeltje op de eerste rij een loyale werknemer.”
Het verlofvraagstuk is ook een gendervraagstuk. Coos: “De eerste fase na de geboorte is cruciaal voor de taakverdeling in een gezin. Als het verlof niet goed geregeld is, leg je de basis voor ongelijkheid in de zorg voor kinderen. Dat trekt door in alles wat daarna komt.” In sectoren waar veel mannen werken, is het nemen van verlof nog altijd niet de norm. “De cultuur verandert dan niet.”
Lees ook: Verlofregelingen voor ouders: alles wat je wilt weten
Wat werkgevers kunnen doen
Coos maakt onderscheid tussen werkgevers die meebewegen en werkgevers die dat niet doen. “Er zijn er veel die empathisch zijn en meedenken. Maar er zijn ook veel werkgevers die niet bewust nadenken over verlof, of over hoe het eigenlijk met iemand gaat.” De praktijk is herkenbaar: als een kind ziek is, wordt de moeder gebeld. Aan de vader wordt gevraagd of zijn vrouw het niet kan regelen.
Haar advies aan werkgevers is verrassend praktisch: “Het begint met heel duidelijk communiceren wat de rechten en plichten zijn. Dat kost in principe niks. MKB-bedrijven hebben geen HR-afdeling; onwetendheid en onduidelijkheid speelt een grote rol.” Ze pleit voor het gesprek vóórdat de situatie zich voordoet. “Als je de afspraken niet maakt voordat iemand zwanger is of een kind heeft, ontstaat er ruis. En dat wil je niet, niet voor de aanstaande ouder maar ook niet voor collega’s en de werkgever. Je wilt er zijn voor elkaar, dus zorg dat het goed geregeld is.”
Een cultuur die moet kantelen
Dieper ligt een cultuurprobleem. Coos: “De maatschappij is nog altijd ingericht op een model waarbij vrouwen meer zijn gaan werken, maar mannen niet meer zijn gaan zorgen.” En dat model wordt door werkgevers in stand gehouden. “Als FNV zetten we in op een nieuwe voltijdsnorm van vier dagen. Dat geeft meer productiviteit, minder uitval, meer loyaliteit. Op de lange termijn bespaar je kosten. Maar het vraagt een andere manier van denken.”
Haar boodschap aan werkgevers is direct: “Ga het gesprek open aan. Luister dan ook echt. Wees bereid om aan te horen wat er speelt. Je kunt als werkgever een verschil maken. Niet alles oplossen, maar wel veel betekenen.”
Het combineren van werk en zorg is de grootste stressfactor. Dat gecombineerd met bijzonder slechte nachtrust is funest voor normaal functioneren - Ouder, Staat van Gezinnen 2026
Expert werk & ouderschap Annemie: ‘Als alles belangrijker is, ben jij het afvoerputje. En dat wil je niet zijn’
Annemie Webers, directeur Career & Live en oprichter van Career & Kids, begeleidt werkende ouders bij burn-out, werkstress en de combinatie van werk en privé.
Ze schreef een boek voor werkgevers: Privé-stress op de werkvloer. Ze ziet hoe de lat steeds hoger wordt gelegd en hoe weinig ruimte er overblijft voor het gewone leven.
Terug bij af
Loopbaan- en vitaliteitscoach Annemie begint haar analyse bij de coronapandemie. “Tijdens corona werd de taakverdeling ineens veel gelijkwaardiger. Na corona gingen vrouwen weer meer op zich nemen. Terug naar af.” Maar het bleef niet bij af. Door het vele thuiswerken zijn de grenzen verder vervaagd. “Mensen zijn meer gaan werken omdat ze thuis werken. Ze doen méér, niet minder.”
Daarboven op is alles duurder geworden. “Vroeger was het een vrije keuze om meer of minder te werken. Die vrijheid voelen mensen niet meer. Twee inkomens is geen keuze meer, het is een noodzaak.” De combinatie van financiële druk en tijdsdruk zorgt voor een systeem dat al op zijn limieten draait.
Lees ook: Parental burnout: als genieten niet meer lukt
De ratrace
Het perfectiedenken noemt Annemie als rode draad. “Alles moet goed, beter, best. We denken dat alles maakbaar is en anders kopen we iets in wat het maakbaarder maakt. Op social media zien we dat perfectiedenken dagelijks. Een baby die ’s nachts huilt, moet daar een slaapcoach bijkomen? Maar baby’s huilen nou eenmaal vaak. Waarom accepteren we dat niet meer?
Een aspect dat Annemie uitdrukkelijk benoemt: de smartphone. “We staan de hele dag aan. Zoveel appgroepen: kinderopvang, school, familie, tennis, alles. Collega’s die op vrije dagen bereikbaarheid verwachten.” Ze trekt de vergelijking met een burn-out. “Het woord komt uit 1974. We kijken ernaar in 2026. De oplossingen van toen, zoals een mindfulness cursus, passen echt niet meer. We moeten structureel leren afschakelen, want we raken allemaal oververhit.” Ze ziet een kentering: offline cafés, ouders die bewust wegtrekken uit de Randstad, gezinnen die de ratrace doorbreken.
De onzichtbare belasting
Annemie is direct over de ongelijke verdeling tussen mannen en vrouwen. “Na corona nemen vrouwen evenveel taken op zich als daarvóór. En we vinden het nog normaal ook.” Ze richt zich dan ook expliciet tot moeders: “Ga elk halfjaar om tafel zitten met je partner. Niet als er ‘ruzie’ is. Gewoon: hoe verdelen we dit? Wat wil ik anders?” Het klinkt simpel, maar het gebeurt te weinig.
Ook de rol van vaders verdient aandacht, vindt ze. “Mannen willen graag helpen. Maar als de vrouw alles al heeft overgenomen, blijft er weinig over om te doen. Wat laat je hem doen?”
Lees ook: 7 manieren om het huishouden te verdelen en je relatie goed te houden
4 concrete tips voor ouders
Annemie geeft geen vluchtige adviezen. Ze werkt met een methode, en die begint bij reflectie.
“Neem één keer per maand twee uur voor jezelf. Wat doe ik nu? Wat wil ik anders? Welk leven leid ik eigenlijk?”
Kies bewust één ding om te veranderen, niet vijf tegelijk. “Één dag minder op je telefoon. Geen marathon willen lopen, maar gewoon hardlopen in het park.”
Betrek je kinderen bij de keuzes. “Welke keuzes willen we als gezin maken? Gaan we naar een indoor speelparadijs of maken we een fijne boswandeling? Kleinere keuzes, maar bewuste.”
Grijp in voordat het misgaat. “Jonge moeders met een burn-out zeggen me allemaal: ik zag ‘m niet aankomen. Dan kunnen mannen en hulptroepen wel helpen, maar het is te laat. Zorg dat je niet door het afvoerputje wordt weggespoeld.” Ze vraagt haar cliënten altijd: wat wil je je kinderen meegeven? “Dat papa en mama altijd heel druk waren?”
Dit artikel is eerder verschenen in magazine WIJ.