7 gouden tips voor kersverse ouders

7 gouden tips voor kersverse ouders

Het krijgen van een kind is een van de meest ingrijpende veranderingen in je leven. Het is niet zo gek dat je wereld volledig op zijn kop staat. Van blijdschap en trots natuurlijk, maar ook van onzekerheid en soms ontreddering. Een kind komt niet met een gebruiksaanwijzing ter wereld en dat maakt van het ouderschap een grote ontdekkingsreis. Met deze zeven gouden tips wordt je leven als kersverse ouder nét iets leuker en makkelijker. Kortom, doe er je voordeel mee!

1. Vergelijk je kind niet met anderen

Als er iets is wat je onzeker maakt, dan is het wel je kind vergelijken met andere kinderen. Betrap je jezelf hierop? Stop er acuut mee, doe het niet. Besef heel goed dat jouw kind uniek is. In alles. Je kunt ‘m dus niet vergelijken. Hij is helemaal goed zoals hij is. Een opmerking horen (of maken) als ‘slaapt die van jou nog steeds niet door?’ helpt echt niemand. Jouw kind ontwikkelt zich op zijn manier. Het is geen wedstrijd. Wees je daar bewust van. Laat het los.

2. Tijd voor jezelf inplannen

Wie goed voor zichzelf zorgt, kan goed voor een ander zorgen. Nu je een kind hebt, is dit het uitgelezen moment om juist goed voor jezelf te zorgen. Maak bewust tijd vrij. Het is heel verleidelijk om tijdens de slaapjes van je kind je huishouden te gaan doen of allerlei zaken te regelen. Gun jezelf rust, ook jouw batterij moet opgeladen worden. Doe een powernap, pak een boek. Je kunt daarna weer de wereld aan. Maak ook afspraken met je partner dat hij (of zij natuurlijk) voor de kleine zorgt of regel oppas, zodat jij écht tijd hebt om iets voor jezelf te gaan doen. Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar af en toe even zonder je kind op pad gaan, maakt van jou een leukere (lees: meer ontspannen) ouder voor je kind. Voel je dus vooral niet schuldig. Doen!

3. Accepteer dat alles een fase is

Dé spreuk uit het rijk der ouders: alles is een fase. We herhalen: àlles is een fase. Besef goed dat dit over de leuke momenten én over de niet leuke momenten gaat. De dagen dat je kind hangerig en huilerig is lijken soms eindeloos te duren, maar ze gaan écht een keer voorbij. Hetzelfde geldt voor de gemakkelijke dagen. De dagen dat je kleine heel vrolijk is, zonder gedoe gaat slapen, probleemloos eet en drinkt gaan (helaas) ook weer een keer voorbij. Het is een constante afwisseling van de leuke en minder leuke momenten. Net als je denk dat je een ritme hebt gevonden, gaat het een dag later ineens totaal anders. Probeer dat te accepteren. Het hoort erbij. Ga mee met de flow van je kind, ook al betekent het dat je je plannen moet wijzigen voor die dag. Het is zoals het is.

4. Durf te vragen

Twijfel je ergens over? Vraag hulp en advies. Ja het is een open deur, maar toch gaan veel ouders eerst uitgebreid googelen op zoek naar antwoorden. Vaak kom je dan op allerlei horrorverhalen terecht en dat maakt je onzekerheid alleen maar erger. Heb je een vraag over de gezondheid van je kind? Bel de huisarts. Hij is er voor je. Worstel je met borstvoeding? Schakel een lactatiedeskundige in. Twijfel je over de groei van je kind? Bel het consultatiebureau. Deze instanties zijn er om jou te helpen. Maak er dus gebruik van. En nee, je bent geen overbezorgde ouder als je regelmatig belt. Je wilt het gewoon goed doen en daar is helemaal niets mis mee. En vergeet ook niet je omgeving om hulp te vragen als jullie in een pittige fase zitten. Vraag bijvoorbeeld je (schoon)ouders of ze een keer willen koken. Vraag een vriendin om een keer op te passen. Wees lief voor jezelf en durf te vragen.

5. Vast oppasmoment

Wist je dat 83% van de stellen in een matige tot zware relatiecrisis belandt na de geboorte van het eerste kind? De belangrijkste tip hierbij is: je bent naast ouders ook nog steeds elkaars geliefden. Vergeet dat niet en behandel elkaar ook zo. Zorg bijvoorbeeld voor een vast oppasmoment iedere maand (of vaker), zodat jullie samen de deur uit kunnen voor een dagje wellness of een romantisch etentje buiten de deur. Door hier een vast moment van te maken, ga je het ook echt doen. Kortom, schakel oppas in, plan alvast wat oppasmomenten vooruit en ga er samen lekker op uit.

6. Bewaak je grenzen en durf nee te zeggen

Nee zeggen en je grenzen bewaken. Best moeilijk hè? Voor je weet heb je die onaangekondigde bezoeker koffie aangeboden en zit je vervolgens met een ongepland kraambezoek aan je keukentafel, terwijl je eigenlijk hartstikke moe bent. Durf nee te zeggen, wijs onaangekondigd bezoek de deur. Je bent niet meteen onaardig als je dit doet. Besef goed dat jij in een unieke fase zit. Je leven is compleet verandert en daar heb je nu je handen vol aan. Voel je niet schuldig. Het antwoord nee is helemaal oké.

7. Bedenk: iedereen doet ook maar wat

Een kind komt niet met een gebruiksaanwijzing ter wereld. Soms kan dat een gevoel van ontreddering geven. Wat moet ik nu doen? Doe ik het wel goed? Had ik het anders moeten doen? Zou een andere ouder het beter weten? Adem in, adem uit en knoop goed in je oren: alle ouders doen ook maar wat. Jij doet het goed, omdat je het met liefde doet. Niets meer en niets minder. Schakel hulp in als het nodig is. Wees lief voor jezelf en voor elkaar. Geloof in je eigen kracht en daden, het komt goed. Echt. Alles is een fase. Wees trots op jezelf en kijk nog eens goed naar dat mini-mensje in je armen. Precies. Onvoorwaardelijke liefde is onbeschrijflijk mooi en gaat alles te boven.

Tip! Luister ook naar de podcast Wat Ouders Willen Weten waarin Mariska van der Kogel, hoofdredacteur van WIJ, deze gouden tips toelicht.