
Supersnelle bevalling: Kelly beviel thuis in 15 minuten
Het was onze zesde baby, dus we dachten dat we wisten wat ons te wachten stond. Ik wilde thuis bevallen, in alle rust, in mijn eigen bubbel. Geen ziekenhuis, geen drukte, alleen vertrouwen op mijn lichaam. Maar niets had ons kunnen voorbereiden op wat er die nacht gebeurde.
Alles nog even doornemen
De verloskundige kwam bij ons thuis om de bevalling door te nemen. Ze glimlachte terwijl ze zei dat het natuurlijk niet nieuw meer voor ons was. Maar ze vroeg toch hoe ik het voor me zag. Tijdens het gesprek met de verloskundige vroeg ze of mijn man misschien de baby wilde opvangen tijdens het persen. Dat hadden we nog niet eerder gedaan. “Ja, natuurlijk” zei ik meteen. Mijn man keek me even bedenkelijk aan. “Als jij dat graag wilt ⦔ We lachten. Na vijf bevallingen die allemaal binnen drie uur waren verlopen, voelde het bijna alsof we het zelf ook wel konden. Toch waarschuwde de verloskundige ons: als ik ook maar iets van weeĆ«n zou voelen, moesten we direct bellen. Ze moest nog rijden en alles moest klaargezet worden. We knikten. Maar stiekem dachten we: het zal wel loslopen.
Een zeurende pijn en wat gerommel
De dag voor de bevalling voelde ik al wat gerommel. Een zeurende pijn in mijn buik en rug die bleef hangen, ook toen ik opstond om de kinderen klaar te maken voor school. Geen duidelijke weeƫn. Geen ritme. Gewoon ongemak. Toen mijn man de kinderen naar school bracht, maakte ik samen met onze jongste van twee het bed op. En ineens voelde ik iets warms langs mijn been lopen. Ik liep naar het toilet en deed een kraamverband in. Het rook zoet. In mijn beleving rook vruchtwater altijd zoet.
Verloskundige controle
Gelukkig had ik om 10.00 uur een afspraak bij de verloskundige. Daar werd getest of het echt vruchtwater was. Het staafje verkleurde niet. Geen vruchtwater. Dus er kon gewoon gestript worden, zoals gepland. Twee keer tot tien tellen - en klaar. Maar zodra ik opstond, voelde ik opnieuw vocht stromen. Ik liet het kraamverband ruiken. Zoet. Toch sloeg de test niet uit. “Ga lekker in je bubbel,” kreeg ik als advies. “Wandel wat, neem rust. Wie weet zet het door.” Die dag deed ik precies dat. Rust. Af en toe wat pijn waarvan ik dacht: oeh, is dit er ƩƩn? Maar het zette niet door. ās Avonds zette ik nog een kop frambozenbladthee en kroop vroeg in bed. Ik had geen idee wat er een paar uur later zou gebeuren.
Lees ook: Frambozenbladthee en andere tips om je bevalling op te wekken

03:45 uur: de plop
Om 03:45 uur werd ik wakker van pijn in mijn rug en benen. Geen duidelijke weeƫn in mijn buik, zoals ik gewend was. Dit voelde anders. Zeurend, diep en constant.
Ik draaide in bed, maar het hielp niet. Ik maakte mijn man wakker.
“Schat, ik heb pijn in mijn rug en benen. Ik herken dit niet.” Hij ging meteen rechtop zitten.
Toen ik iets omhoog probeerde te komen in bed, hoorde en voelde ik een duidelijke plop onder mijn schaambeen.
En daarna was de pijn ineens weg.
Dat vond ik vreemd. Mijn lichaam voelde stil. Leeg. Alsof er iets was verschoven. “Bel de verloskundige,” zei ik direct. Mijn man legde uit wat er was gebeurd: eerst pijn, toen een plop, daarna geen pijn meer. Terwijl hij sprak, voelde ik de eerste echte wee opkomen. Maar dit was geen rustige opbouw. Binnen een paar minuten zat ik midden in een weeĆ«nstorm. Geen duidelijke pauzes. Geen tijd om bij te komen. De ene wee liep over in de andere. Mijn lichaam nam het volledig over. Mijn man gaf door dat het nu heel snel ging. De verloskundige zei dat ze direct zou komen en dat er ook een ambulance werd gestuurd. Dat was het moment waarop ik dacht: dit is fout.
Niet: dit gaat snel.
Maar: dit klopt niet.
De combinatie van die plop, de plotselinge stilte in mijn lichaam en daarna die extreme weeƫn achter elkaar, het voelde niet als een normale snelle bevalling. Het voelde alsof er iets mis kon zijn.
De telefoon op luidspreker
De alarmcentrale belde. Mijn man nam op en zette de telefoon op luidspreker. Ik kon alles horen.
De vrouw aan de lijn stelde gerichte vragen.
‘‘Is er bloedverlies?’’
‘‘Hoe lig je?’’
‘‘Kun je op je rug draaien?’’
Op mijn rug liggen lukte niet. Mijn lichaam gaf duidelijk aan dat het tijd was om te persen. Als ik zou draaien, zou het gebeuren. Ik vroeg hoe lang het nog zou duren voordat de verloskundige er zou zijn. Ongeveer vijftien minuten zei mijn man. Met de kracht van de weeƫn wist ik dat we dat niet gingen redden.
Ik kan het niet langer tegenhouden
“We gaan dit zelf doen,” zei mijn man tegen mij. Ik draaide me zo goed mogelijk. Mijn man trok mijn onderbroek uit, ik haalde mijn kraamverband weg. Via de luidspreker hoorde ik de vrouw van de alarmcentrale zeggen: “Als je het hoofdje ziet, laat het weten.” Dat was duidelijk. Dat betekende dat het echt zover was. Ik perste. Mijn man zei meteen: “Ik zie het hoofdje, het hoofdje is er nu uit.” Ik hoorde de vrouw uitleggen wat hij moest doen: ondersteunen, handen klaar, rustig blijven. Ik probeerde bewust te ademen en niet te forceren. Wachten … Ademen … Ik voelde de druk en de rek, dat branderige gevoel dat erbij hoort. Dit stuk kende ik.
Dit is het moment
Bij de volgende wee zette ik door. Aan de rechterkant voelde ik dat het stroef ging bij mijn bot, alsof hij daar even bleef hangen. Nog ƩƩn keer kracht zetten. Met een oerkreet perste ik hem eruit. Mijn man ving hem op en legde hem direct op mijn buik. Het was heel even stil.
En toen begon hij te huilen.
Dat was genoeg. Hij ademde.
04:10 uur.
Vanaf het moment dat de weeƫn echt begonnen tot zijn geboorte zat ongeveer vijftien minuten.
Mijn lichaam wist precies wat het moest doen; zelfs toen mijn hoofd even dacht dat het fout was.
De verloskundige is er
Om 04:15 uur kwamen het ambulancepersoneel en de verloskundige binnen. De controles werden gedaan. Alles werd nagekeken. We vertelden wat er was gebeurd. Over de plop. Over de pijn die ineens wegviel. Over hoe snel het daarna ging. Wat die plop precies is geweest, weten we nog steeds niet. Wat we wel weten: dit was een bevalling van vijftien minuten. En we hebben het samengedaan. In onze slaapkamer. Midden in de nacht. Zonder voorbereiding op hoe snel het zou gaan. Ons zesde kleintje. En misschien juist daarom wist mijn lichaam precies wat het moest doen; zelfs toen mijn hoofd even dacht dat het fout was.

Ook je verhaal delen?
Heb jij een bijzonder, mooi, ontroerend of grappig verhaal en wil je die graag met andere mama’s (to be) delen? Deel je verhaal van ongeveer 500-800 woorden via redactie@wij.nl. Extra leuk als je ook 2 Ć” 3 foto’s meestuurt. Wil je graag anoniem blijven? Dat kan. Vermeld dit er dan bij. Let op: verhalen die elders al online verschenen zijn, worden niet gepubliceerd.