
Dyonne: ‘Mijn tweelingbevalling duurde 28 uur, de meest intense uren van mijn leven’
Het stond allemaal zo netjes gepland. Op 19 november zou ik worden ingeleid. Die datum stond al een paar weken met grote letters in mijn agenda. Ik had me erop ingesteld, erop voorbereid, alles in huis gehaald en mentaal toe geleefd naar dé dag waarop onze tweeling zou komen. Maar zoals dat vaak gaat met geboortes hadden mijn lijf en onze jongens totaal andere plannen.
In de nacht van 17 op 18 november, om precies 00:52, voelde ik ineens dat mijn vliezen braken. Vanuit het niets. Geen wee, geen waarschuwing, alleen pure adrenaline die door mijn lichaam schoot. We belden meteen het ziekenhuis en stapten direct in de auto.
De weeën kwamen op gang
Slapen was geen optie meer, want de spanning nam alles over. Een paar uur later begonnen de weeën zachtjes op gang te komen. Eerst kleine golfjes die nog te doen waren tot ze dat opeens niet meer waren. Om 09:00 uur had ik 2 cm ontsluiting en om 13:00 uur zat ik nog maar op 4 cm. Toen de verloskundige zei dat mijn weeën niet krachtig genoeg waren, kreeg ik weeënopwekkers.
Standje overleven
Niet krachtig genoeg? Ik had op dat moment al het gevoel dat mijn lijf in brand stond. De uren die volgden zijn een waas van pijn en volhouden. Rugweeën, de soort pijn waarvan je niet wist dat het bestond. Ik probeerde alles: het bad, het bed, de bevalbal, maar niets nam het echt weg. Alleen in bad vond ik een beetje verlichting en ik hield me vast aan mijn ademhaling. Het ziekenhuispersoneel zei dat ik dat zo goed deed, maar van binnen voelde het alsof ik enkel aan het overleven was. En toen kwamen er nóg meer weeënopwekkers.
Geen medicatie
Ik had mezelf voorgenomen: geen ruggenprik, geen zware medicatie. Maar rond 21:00 uur kon ik echt niet meer. Mijn lichaam was op. Mijn energie was weg. De pijn van het op mijn zij liggen, omdat de weeën zo het krachtigst waren in die positie, was niet te doen. De verloskundige vroeg of ik een remifentanil pompje wilde en ik zei meteen: “JA, NU!” Ik had geen keuze meer. Ik moest iets hebben om door te kunnen en om überhaupt te kunnen blijven ademen.

Opluchting en vooruitgang
En serieus … wat een opluchting. Eindelijk een klein beetje controle. Ik werd slaperig, rustiger en binnen een paar uur zat ik ineens op 9 cm. Eindelijk voelde het alsof er iets opschoot. Om 01:00 uur mocht ik persen. In mijn hoofd bleef maar één zin hangen: ‘‘Je bent er bijna, ga door.’’ 4,5 uur lang heb ik alles gegeven wat ik in me had. En toen, om 05:19, kwam onze eerste jongen ter wereld: Lowen. Dat moment dat ik hem tegen me aan mocht houden … onvergetelijk.
De tweede
Maar ik was nog niet klaar. Voor onze tweede, Novan, moest ik nog één keer alles geven wat er nog in mijn lichaam zat. Na vijf minuten persen, om 05:34, was ook hij er. Twee prachtige jongens. Twee kleine mensjes die meteen alles goed maakten.
Mijn vriend, mijn steun
Wat ben ik dankbaar voor mijn vriend. Hij was echt mijn steun. Elke wee, elke pers, elke seconde stond hij achter me. Ik heb in zijn hand geknepen alsof mijn leven ervan afhing. Zonder hem had ik dit oprecht niet gekund. Het ziekenhuispersoneel was fantastisch. Ze zeiden dat ze nog nooit iemand zó sterk hadden gezien zonder ruggenprik en dan ook nog eens een tweeling op de wereld zetten. En weet je? Ik geloof ze, want deze bevalling was niet alleen lichamelijk. Het was mentaal, diep en intens. Wat een oerkracht.

Ik heb het gedaan op pure wilskracht. Met liefde, met steun en met een vertrouwen dat alles precies zou gebeuren zoals het moest. En wat ben ik trots!
Ook je verhaal delen?
Heb jij een bijzonder, mooi, ontroerend of grappig verhaal en wil je die graag met andere mama’s (to be) delen? Deel je verhaal van ongeveer 500-800 woorden via redactie@wij.nl. Extra leuk als je ook 2 á 3 foto’s meestuurt. Wil je graag anoniem blijven? Dat kan. Vermeld dit er dan bij. Let op: verhalen die elders al online verschenen zijn, worden niet gepubliceerd.