
Kimberley’s mono-mono tweeling (deel 2): ‘Ik voelde me schuldig’
In mijn vorige blog schreef ik hoe mijn man en ik ontdekten dat we in verwachting waren van een mono-mono tweeling. Inmiddels ben ik bevallen van onze dochters. In dit deel vertel ik hoe de eerste dagen na de bevalling verliepen, hoe het ging op de NICU en hoe we stap voor stap richting huis gingen.
Het eerste deel van Kimberley haar verhaal kun je hier lezen: Zwanger van een zeldzame mono-mono tweeling
Beschuit met muisjes
Na de spannende bevalling kregen we die ochtend in het ziekenhuis beschuit met muisjes als ontbijt. Toen kwam het pas echt binnen: we waren papa en mama geworden. Tijdens het ontbijt kwamen er verpleegkundigen langs om me te helpen met kolven en mijn herstel.
We aten snel en gingen meteen naar de meiden die op de NICU lagen. Op de afdeling kregen we een update. Ze hadden het die nacht goed gedaan, maar moesten nog even bijkomen. Die eerste dag waren ze te zwak om te buidelen. We mochten wel bij ze zijn en hen voorzichtig aanraken door het deurtje van de couveuse.
‘Ik voelde me schuldig’
Bijna de hele dag zaten we bij de couveuse, omringd door piepjes, slangetjes en lampjes. Bij elk alarm kwam er een verpleegkundige aangelopen. Onze dochters werden meerdere keren per dag omgedraaid, getest of opnieuw geprikt omdat een infuus loszat. Het was veel en het werd me te zwaar. Ik voelde me schuldig. Alsof mijn lichaam hen niet gezond op de wereld had kunnen zetten en zij dit nu moesten meemaken. Zo klein geboren worden en in de eerste uren al zoveel doorstaan, voelde oneerlijk.
Lees ook: De psychische en emotionele gevolgen bij ouders na een vroeggeboorte
Herstellen & wachten
Naarmate ik herstelde, kwam mijn borstvoeding beter op gang. Omdat het goed met me ging, werd ik al binnen 48 uur ontslagen uit het ziekenhuis. Gelukkig was er plek voor ons in het Ronald McDonald Huis naast het ziekenhuis. Dat gaf rust, want ik mocht nog niet lopen. Mijn man zorgde voor mij en nam me meerdere keren per dag mee naar de meiden. De dagen vlogen voorbij, maar de nachten duurden lang. Slapen was lastig door de pijn van de spoedkeizersnede en de zorgen. ’s Nachts konden we bellen met de afdeling en tijdens het kolven keek ik via de camera even bij hen.
Eerste lichtpuntjes
De dagen erna deden de meiden het goed en mochten we buidelen. Eerst hielden mijn man en ik ieder één dochter vast. Na een week waren ze sterk genoeg om samen bij mij te liggen. Voor het eerst hield ik beide meiden tegelijk vast. Een moment dat ik nooit meer vergeet. Al snel mochten ze van de ondersteuning af. Ze deden het zo goed dat ze te sterk werden voor de NICU. Er werd gesproken over een overplaatsing. We gingen naar een ziekenhuis met rooming-in kamers. Dat betekende dat ik bij de meiden op de kamer mocht slapen.

Opnieuw spanning
Onze dochters werden met ambulances overgebracht en wij gingen zo snel mogelijk achter hen aan. In het nieuwe ziekenhuis kregen we een update van de kinderarts. De meiden hadden het zwaar gehad tijdens het vervoer en hun toestand was achteruitgegaan. De dagen erna ging het niet beter. Ze kregen meer ondersteuning en er werd veel onderzocht, zonder dat er een duidelijke oorzaak werd gevonden.
Eén van onze dochters kreeg een bloedtransfusie. We wisten dat daar risico’s aan zaten, maar besloten het toch te doen. De transfusie verliep goed, maar de dag erna was er nog geen verbetering. Met haar zusje ging het ook niet beter. De hoofdartsen kwamen twee keer per week langs.
Kwestie van afwachten
De arts vroeg of ik even wilde gaan zitten. Hij vertelde dat ze niet meer wisten hoe ze onze meiden verder konden helpen. Ik was alleen, mijn man was aan het werk. Ze konden geen oorzaak vinden en op dat moment niets meer doen. Het werd afwachten. Dat nieuws kwam hard binnen. Ik belde mijn man meteen.
Na een week kwam er eindelijk goed nieuws. De meiden waren stabieler en de artsen durfden de zuurstof langzaam af te bouwen. De verbetering zette door. Ze mochten uit de couveuse en voor het eerst kleertjes aan. Maatje 44 was nog veel te groot, maar het voelde als een grote mijlpaal. Ook andere eerste momenten volgden snel, zoals drinken en in bad. Voor anderen misschien normaal, voor ons grote overwinningen.
Eindelijk naar huis!
Omdat het zo goed ging, werd de ondersteuning gestopt en volgde nog een overplaatsing, het derde ziekenhuis. Ook deze verliep goed. Hier mochten we ons verhaal afmaken. Als het vijf dagen goed zou blijven gaan, mochten we naar huis. Alles ging ineens snel. Ik keek ernaar uit, maar vond het ook spannend. In de laatste dagen leerden we sondevoeding geven, omdat de meiden nog niet alles zelf konden drinken.
En toen was daar eindelijk die dag. Na weken in drie verschillende ziekenhuizen mochten de meiden mee naar huis. Thuis voelde het compleet. De box en de ledikantjes waren niet meer leeg. Wij waren compleet. Maar het verhaal stopte hier niet. We gingen naar huis met twee zorgkindjes.
Ook je verhaal delen?
Heb jij een bijzonder, mooi, ontroerend of grappig verhaal en wil je die graag met andere mama’s (to be) delen? Deel je verhaal van ongeveer 500-800 woorden via redactie@wij.nl. Extra leuk als je ook 2 á 3 foto’s meestuurt. Wil je graag anoniem blijven? Dat kan. Vermeld dit er dan bij. Let op: verhalen die elders al online verschenen zijn, worden niet gepubliceerd.