3x eerlijk over kraamwerk: 'Je weet nooit wat je aantreft achter de voordeur'

3x eerlijk over kraamwerk: 'Je weet nooit wat je aantreft achter de voordeur'

Laatst bijgewerkt: 26 maart 2026 | Door: Roxanne Vis

Als kraamverzorgende kom je over de vloer bij alle lagen van de bevolking. Je maakt even deel uit van kersverse gezinnen in misschien wel de mooiste week van hun leven. Kraamverzorgenden Chantal, Jacqueline en Annemarie vertellen je alles over hun bijzondere beroep, waarin momenteel grote tekorten zijn. “Sommige gezinnen blijven lang in je hoofd en je hart hangen.”

In dit artikel

‘In de acht dagen dat ik bij ze ben, sluit ik mensen in mijn hart’

Chantal (53): “Wat ben ik blij dat ik drie jaar geleden de stap heb gezet om me te laten omscholen tot kraamverzorgende. Het is waardevol, bevredigend en ook ontzettend dankbaar werk. Je komt op misschien wel het mooiste moment van hun leven bij mensen binnen, en ziet ze gedurende de kraamweek groeien in het ouderschap. Dat vind ik iets heel moois. Voorlichting geven, lekker met die baby’s bezig zijn, ze voor het eerst in het badje doen; het is me allemaal even dierbaar. In de acht dagen dat ik bij ze ben, sluit ik mensen in mijn hart.

In mijn vorige baan ging ik iedere dag naar hetzelfde kantoor, op dezelfde plek, met dezelfde collega’s. Nu werk ik op rooster en weet ik van tevoren nooit hoe mijn week eruit gaat zien. Als kraamverzorgende zijn er verschillende roosters bespreekbaar van zeven tot acht dagen, maar ook een moederrooster of een duobaan met een collega-kraamverzorgende.

Enorm afwisselend en uitdagend

Naast mijn kraamwerk assisteer ik ook bij bevallingen, vanuit de Rondom partus-poule. Dat vind ik misschien wel het allerleukst om te doen. Je kunt dan ’s avonds of ’s nachts worden opgeroepen om bij mensen thuis of in het ziekenhuis de verloskundige te helpen bij niet-medische bevallingen. Soms pittig als je overdag al bij gezinnen hebt gewerkt. Maar er op zo’n speciaal moment bij mogen zijn, dat vind ik toch wel heel bijzonder."

Kraamverzorgende Chantal verzorgt ouders en hun pasgeboren baby

Kraamverzorgende Chantal zorgt voor beschuit met muisjes

Omgaan met verschillende culturen en gebruiken

“Je komt ook bij allerlei verschillende culturen over de vloer. Zo was ik eens bij een alleenstaande moeder van Eritrese afkomst. Een onwijs lieve vrouw. Haar tante zorgde voor haar. Ik was nog geen half uur binnen of die tante kwam met een schaal vol eten aan en het was de bedoeling dat ik die samen met de kraamvrouw zou leegeten. Ik had net ontbeten, maar zoiets weiger je natuurlijk niet. De ontvangst was heel warm. Na die week had ik moeite om haar los te laten. Sommige gezinnen blijven lang in je hoofd en je hart hangen.

In het begin, toen ik nog nieuw was, vroegen gezinnen me weleens om taken te doen die niet bij mijn werk horen, zoals het hele huis stofzuigen of bedden van andere kinderen verschonen. Ik vond het toen lastig om mijn grenzen aan te geven, dus deed ik het maar. Nu zou ik dat niet meer doen. Ik help graag en zit niet stil, maar er zijn grenzen. Ik ben geen schoonmaakster.”

Sommige gezinnen blijven lang in je hoofd en je hart hangen

Groeiend tekort aan kraamverzorgenden

“Door het groeiende tekort aan kraamverzorgenden in Nederland, moeten we steeds vaker twee gezinnen op één dag draaien. Dan kun je mensen niet de volledige zorg bieden en heb je alleen maar tijd voor de belangrijkste dingen: de controles, voorlichting, het sanitair schoonmaken. Maar eten koken of uitgebreid praten zit er dan niet in, terwijl gezinnen daar misschien juist wel behoefte aan hebben. Dat is echt jammer.

Ik kan wel zeggen dat ik mijn roeping heb gevonden. De waardering die je van gezinnen krijgt, die is echt onbetaalbaar.”

‘Ik merk dat moeders zich soms makkelijk laten beïnvloeden door social media’

Jacqueline (48): “Op mijn 4de wist ik het al: ik wil met baby’s werken. Ik was altijd in de weer met poppen, luiers en kinderwagens. Inmiddels werk ik al 29 jaar als kraamverzorgende, nog altijd met veel plezier. De geboorte van een kind is vaak het meest bijzondere moment in iemands leven. Om daar zo dichtbij te mogen zijn, en nieuwe ouders te zien groeien in hun rol, daar haal ik veel voldoening uit.

Het is niet alleen maar rozengeur en maneschijn

Je komt bij alle lagen van de bevolking over de vloer om te zorgen voor een goede start. Het is een prachtvak, heel divers en afwisselend. We zijn er natuurlijk niet alleen om luiers te verschonen, maar ook voor mentale ondersteuning, fysieke hulp en medische controles. Er zijn veel dingen die mis kunnen gaan en als je niet op tijd aan de bel trekt, kan dat desastreuze gevolgen hebben. We hebben ook een grote voorlichtende rol én een signalerende: als de verloskundige bijvoorbeeld zorgen uit over mogelijke mishandeling of verwaarlozing, is het aan ons om daar goed op te letten. Wij zitten er dicht op en mensen kunnen niet een week lang toneelspelen. Het is niet alleen maar rozengeur en maneschijn.

Ik heb bijvoorbeeld weleens meegemaakt dat een moeder thuiskwam zonder baby, omdat die haar al bij de geboorte was afgenomen. Dan ben ik er toch, want die moeder is wel kraamvrouw en heeft zorg nodig. Soms kom je bij gezinnen waarbij Veilig Thuis al is ingezet. Bij stilgeboren kleintjes ben je er ook. Het is dan ontzettend waardevol om zorg te kunnen geven en er te kunnen zijn voor de ouders.

Kraamverzorgende Chantal legt baby in wieg

Kraamverzorgende Chantal tijdens haar werk

Van vooral huishoudelijke taken naar een zorgprofessional

“Door de jaren heen is er veel veranderd in ons vak: vroeger had je als kraamverzorgende veel meer huishoudelijke taken. Nu ben je vooral een zorgprofessional. Kraamverzorgenden zijn er niet om de ramen te lappen, de auto te wassen en het onkruid te wieden. Ondanks de duidelijke intake die mijn collega’s doen, maak ik helaas nog weleens mee dat gezinnen me als een huishoudster zien. Vaak komt dat door cultuurverschillen. In andere landen kennen ze het concept kraamzorg helemaal niet.

Toen ik begon als kraamverzorgende werkte ik nog 64 uur - 8 keer 8 - bij gezinnen, nu is dat 49 uur bij borstvoeding en 45 uur bij kunstvoeding. Maar soms, als er echt te weinig kraamverzorgenden beschikbaar zijn, kan dat niet worden geboden. Dan draai je twee gezinnen op een dag. Zo kunnen we niet altijd meer de zorg bieden die mensen nodig hebben. Een bevalling is en blijft een klus voor een vrouw, ook als alles voorspoedig gaat. Je moet er hoe dan ook van bijkomen. En bij een ingrijpender bevalling al helemaal. Vroeger bleven mensen na een keizersnede vier dagen in het ziekenhuis, nu worden ze na 24 uur al ontslagen. Wij krijgen die verantwoordelijkheid erbij. Je kunt mensen niet aan hun lot overlaten.”

Minder goede begeleiding geven door tekort

“Door het grote tekort aan kraamverzorgenden, kunnen we bijvoorbeeld minder goed de borstvoeding begeleiden. Je hebt soms nog maar één of twee momenten waarop je kunt meekijken, terwijl mensen het best leren door herhaling. Juist in die eerste cruciale dagen wil je meer zorg kunnen inzetten dan het minimale. We zien dat ouders die minder zorg krijgen, sneller voor flesvoeding kiezen.

Ouders zien dingen op social media en nemen dat voor waar aan, daar waarschuw ik ze voor

Ik merk dat moeders zich soms makkelijk laten beïnvloeden, zowel tijdens de zwangerschap als de kraamperiode. Ze zien dingen op social media en nemen dat voor waar aan. Sommige influencers zweren bijvoorbeeld bij billendoekjeswarmers, dus die zie ik steeds vaker bij gezinnen thuis. Dat zijn dingen waarvan ik denk: wat moet je ermee? Ik waarschuw ouders ook weleens voor verkeerde informatie op ChatGPT of internetfora: ieder antwoord dat je wil vinden is te vinden, het is maar net hoe je de vraag stelt. Wil je betrouwbare informatie, kijk dan op betrouwbare sites of stel je vragen aan een zorgprofessional. Tegelijkertijd blijft mijn rol een adviserende, geen dwingende. Het is hun kind en hun feestje - zolang het geen kwaad kan, moet je meebewegen.”

Kraamverzorgende Chantal met pasgeboren baby

Kraamverzorgende Chantal knuffelt met een pasgeboren baby

‘Het is elke keer weer een verrassing wat je aantreft achter een voordeur’

Annemarie (54): “Ik had vroeger al wel eens een baan als kraamverzorgende overwogen, maar toen ik zelf kleine kinderen had vond ik de uren iets te onregelmatig. Ik zou dan vaak een oppas moeten inschakelen en dat zag ik niet zitten. Maar zes jaar geleden ben ik er toch voor gegaan. Ik was bijna 50 - als ik het nog eens wilde doen, was dit het moment. Ik kon op z’n minst gaan kijken of ik het leuk vond.

En of ik dat vond! Het is elke keer weer een verrassing wat je aantreft achter een voordeur. Ieder gezin is anders en je weet van tevoren nooit hoe het loopt. Ik doe ook ‘kraamzorg plus’ in het ziekenhuis. Door personeelstekorten zijn ziekenhuizen samenwerkingen aangegaan met een aantal kraambureaus. We doen daar vrijwel hetzelfde als bij gezinnen thuis, maar dan voor kraamvrouwen en baby’s die nog even in het ziekenhuis moeten blijven. Zo heeft de verpleging weer tijd voor andere patiënten. Daarnaast zit ik in de Rondom partus-poule. Dat maakt het werk heel divers.

Je kunt zo veel voor mensen betekenen

Lachen om nieuwe babyproducten

“Ik moet soms wel lachen om wat ouders allemaal hebben aangeschaft voor de baby. Flesvoedingsmachines waaruit je het water voor de flesjes op de juiste temperatuur kunt tappen, billendoekjesverwarmers … Die heb je echt niet nodig om een kind groot te brengen. Ik gebruik ze dan ook niet in die kraamweek. Maar wat de gezinnen daarna doen, moeten ze lekker zelf weten natuurlijk. Zolang het niet schadelijk is voor de baby, zal ik er niets van zeggen.”

Borstvoeding ondersteunen doe ik het liefst. Dat blijft iets wonderlijks. Een pasgeboren baby gaat er echt naar op zoek, maar het gaat niet altijd vanzelf. Ik vind het een mooie uitdaging om dat op de rit te krijgen.

Kraamverzorgende Chantal weegt baby via een weegdoek

Kraamverzorgende Chantal weegt de baby met een speciale weegdoek

Dankbaar werk

“Je werkt vaak acht dagen achter elkaar. Dat is soms buffelen, maar de dankbaarheid van de gezinnen compenseert dat ruimschoots. Het mooie aan ons werk vind ik dat je vaak in korte tijd volledig in een gezin wordt opgenomen. Als je binnenkomt is het nog even aftasten en wennen, maar na een paar dagen valt het muurtje weg en hoor je er helemaal bij.

Laatst heb ik mogen kramen bij een baby die overleden was. Ik heb dat een keer eerder gedaan, maar toch aarzelde ik even: kan ik dat wel? Het is een heel andere manier van kramen. Je bent er dan vooral om een luisterend oor te bieden, om de ouders huishoudelijk te ontlasten en voor controles bij de kraamvrouw, die toch ook stuwing, bloedverlies en hechtingen kan hebben. Je kunt zo veel voor mensen betekenen.”

Juist nieuwe ouders ontlasten is zo waardevol

Van de tekorten in de kraamzorg merk ik zelf gelukkig nog niet veel. Soms verzoeken mensen zelf om minder uren, en dan merk ik wel dat je echt tijd tekortkomt. Vooral bij eerste kinderen heb ik aan vier uur op een dag echt niet genoeg om de ondersteuning te kunnen bieden die ik wil bieden. Dan heb je alleen tijd voor de belangrijkste dingen, zoals het begeleiden van de borstvoeding en de voorlichting over de verzorging van de baby. Maar juist die nieuwe ouders ontlasten is ook zo waardevol.”

Dit artikel is eerder verschenen in magazine WIJ.

Beeld: Anouk de Kleermaeker