In de auto

Je kunt je baby meteen na de geboorte al mee nemen in de auto met een babyzitje. Een babyzitje biedt bescherming voor baby’s tot ongeveer 9 maanden. Babyautostoeltjes zijn te verkrijgen in twee gewichtsgroepen: 0 (tot 10 kg.) en 0+ (tot 13 kg.). Je bevestigt het stoeltje met de driepuntsgordel van de auto of met behulp van het ISOFIX-systeem. Je baby zit vast met zijn eigen gordeltje in het autostoeltje.

Autostoeltje bevestigen: tegen de rijrichting in

Het zitje moet tegen de rijrichting in worden geplaatst, bij voorkeur op de achterbank. Bij kinderen onder de 18 maanden is de nek nog niet volledig ontwikkeld. Hierdoor kan je baby schokken nog niet goed opvangen. Bij een aanrijding wordt je baby met zijn rug en hoofd in het stoeltje gedrukt. Het is dus verstandig om je kind zo lang mogelijk tegen de rijrichting in te vervoeren.

Is je auto voorzien van een passagiersairbag? Zet je baby dan niet in een autozitje op de voorstoel, tenzij de airbag is uitgeschakeld.

Bevestiging van autostoel met driepuntsgordel

Kooptips veilig autostoeltje

Een veilig autostoeltje moet voldoen aan de nieuwste Europese veiligheidseisen (ECE 44/03 of 44/04). Dit kun je zien aan de keuringslabel of -sticker waarop in een rondje de letter E plus een getal staat. Het goedkeuringsnummer staat hieronder en moet beginnen met 03 of 04.

  • Het autostoeltje moet passen bij het gewicht van je baby. Dit staat ook aangegeven op de keuringslabel. Vaak wordt ook de leeftijd vermeld, maar de ene baby kan op dezelfde leeftijd veel zwaarder zijn dan het andere.
  • Neem je eigen auto mee bij het kopen van een autozitje en controleer of het stoeltje goed voor- en achter in je auto kan worden bevestigd.
  • Het beste is om een 0+ stoeltje aan te schaffen. Je baby kan hierin langer achterstevoren worden vervoerd dan in een stoeltje voor gewichtsgroep 0.
  • Koop alleen een tweedehands autostoeltje als je zeker weet dat het niet betrokken was bij een aanrijding en niet beschadigd is. Koop geen stoeltje dat ouder is dan zes jaar.

Waar moet je op letten bij de aanschap van een autostoeltje? Lees ook eens deze informatie van Prenatal.

Keuzewijzer: wil je weten welke autostoel het beste bij jouw kind past? Vul de gegevens in voor een persoonlijk advies van VeiligheidNL.

Nieuwe norm: i-Size

Vanaf de tweede helft van 2013 zijn er autostoeltjes verkrijgaar die voldoen aan de nieuwe norm i-Size. Je baby wordt hierin tot 15 maanden achterwaarts vervoerd, dit is veiliger bij een botsing.

  • De stoeltjes passen op een 'i-Size-ready' zitplaats en worden met de ISOFIX-bevestigingspunten vastgezet. Alleen als de auto daar geschikt voor is, kun je dus een i-Size-autostoel gebruiken.
  • De stoeltjes worden ook op zijwaartse botsingen getest.
  • Baby's en kinderen worden ingedeeld op lengte en leeftijd in plaats van gewicht, hierdoor is het duidelijker wanneer je kunt overstappen op de volgende stoel.

Met deze norm wordt het uiteindelijk verplicht om alle baby's tot 15 maanden te vervoeren in zitjes waarbij ze met hun gezicht naar achteren kijken. Tot nu toe was dat tot 13 maanden, terwijl kinderen vanaf 25 kilo altijd vooruit kijken. Daartussen zit een grijs gebied, dat hiermee wordt ondervangen. Het is veiliger als baby's achteruit kijken. Bij een botsing worden ze dan in het stoeltje gedrukt. Bij vooruitkijkende stoeltjes snijdt de gordel vaak in de buik. Omdat daar nog niet veel vet zit, kunnen interne organen zwaar beschadigd raken bij botsingen. Bovendien hebben baby's een relatief groot hoofd, in verhouding tot de rest van hun lichaam. Bij een botsing met een vooruitkijkend stoeltje moet het een forse klap opvangen, wat nekproblemen of erger kan geven.

LEES OOK: Nieuw: autostoel met airbag!

Gebruikstips autostoeltje

Voor het veilig vervoeren van je baby is het goed bevestigen en gebruiken van het autostoeltje in de auto van essentieel belang.

  • Lees de gebruiksaanwijzing van de autostoel zorgvuldig en volg de instructies nauwkeurig op.
  • Het autostoeltje mag na bevestiging nog maar een beetje speling hebben in voor- en zijwaartse richting.
  • Zorg ervoor dat de ruimte tussen je baby en de gordels van het autostoeltje niet meer is dan twee vingers (je baby heeft de ene dag dikkere kleding aan dan de andere).
  • Als je een botsing hebt gehad met de auto, vervang dan het babystoeltje! Het zitje kan namelijk beschadigd zijn zonder dat je dit aan de buitenkant ziet.

Laat je baby niet thuis in een autostoeltje slapen. Onderweg kan je baby natuurlijk in slaap vallen. Let er dan op of hij vrij kan ademhalen. Zet het babyautostoeltje met je kind erin niet op een tafel of verhoging.

Meer veiligheidstips

  • Gebruik altijd een driepuntsgordel om het autostoeltje van je baby vast te maken. Heb je drie stoeltjes op de achterbank? Dan moeten er ook drie driepuntsgordels zijn.
  • Gebruik het kinderslot van de auto.
  • Laat je baby nooit alleen in de auto achter!
  • Controleer regelmatig de bandenspanning van je auto, die is van invloed op de wegligging.

Geen úren in de auto

Een babyautostoeltje is ongeschikt voor langdurig gebruik. In het stoeltje kan je baby zich namelijk niet vrij bewegen. Dit is slecht voor zijn motorische ontwikkeling. Als advies wordt aangehouden: maximaal twee uur per dag.

Soms kom je er niet onderuit om toch een langere autorit te maken. Zolang je baby veilig in het babyautostoeltje ligt, heeft een enkele keer een lange zit niet meteen grote gevolgen voor zijn ontwikkeling. Let er tijdens de rit wel goed op dat je voldoende lange pauzes neemt. Haal je baby uit de stoel en leg hem op een vlakke ondergrond, zodat hij vrij kan spartelen, rekken en strekken.