Combineren van borst- en flesvoeding

Borstvoeding geven - Combineren van borst- en flesvoeding

Als je borstvoeding geeft, komt er een moment dat je wilt gaan afbouwen. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn. Je gaat weer werken na je bevallingsverlof of misschien verloopt het geven van borstvoeding niet zo lekker meer. Grote kans dat je dan in een fase terecht komt waarin je borst- en flesvoeding gaat combineren. Er zijn een aantal factoren waar je rekening mee moet houden voordat je de borstvoeding gaat afbouwen en start met flesvoeding.

Het belangrijkste is dat je melkproductie goed op gang is gekomen. Als je gaat afbouwen terwijl je niet altijd genoeg melk hebt, dan heb je de kans dat je melkproductie snel afneemt of zelfs helemaal stopt. Dit maakt uiteraard niet uit als dit juist je doel is, maar ook dan zal je een overgangsperiode van borst- en flesvoeding doormaken. Daarnaast is het belangrijk om de tijd te nemen voor een rustige afbouw. Zowel jij als je baby moeten wennen aan flesvoeding, een ander voedingsschema en minder tijd aan de borst samen.

Tips bij het combineren van borst- en flesvoeding

  • Begin langzaam met het afbouwen door één voeding per dag te vervangen met flesvoeding. Kies bij voorkeur een voeding uit die misschien toch al niet zo prettig verliep. Je borsten kunnen daardoor gespannen aanvoelen. Dit is normaal zolang je geen last krijgt van harde schijven. Een beetje stuwing is juist goed voor het remmen van de melkproductie. Als de stuwing echt pijnlijk wordt kan je de ergste spanning eraf kolven.
     
  • Als richtlijn kun je tijdens het afbouwen één voeding per week minder geven. Laat daarbij steeds de voeding vervallen waarbij je baby volgens jou het minst lijkt te drinken. Uit de praktijk blijkt dat een late middagvoeding of een vroege avondvoeding zich het gemakkelijkst laten vervangen.
     
  • Houdt er rekening mee dat de meeste baby’s moeten wennen aan het drinken uit een flesje. Als je wilt afbouwen met borstvoeding omdat je bijvoorbeeld weer gaat werken, begin daar dan op tijd mee. Dit kan natuurlijk ook nog een periode zijn met afgekolfde moedermelk, voordat je echt begint met het afbouwen van de borstvoeding.
     
  • Indien je baby moet wennen aan de nieuwe smaak van kunstvoeding, kun je de eerste flesjes mengen met moedermelk. Maak gedurende een week de hoeveelheid kunstvoeding ten opzichte van moedermelk steeds iets groter.
     
  • Wees alert op obstipatie bij je baby. Moedermelk werkt laxerend, terwijl kunstvoeding juist het tegenovergestelde doet. Als gevolg daarvan kan er een verstopping ontstaan bij je baby. Houd zijn luiers een tijdje goed in de gaten om bij te houden hoeveel en wanneer hij poept. Heeft hij last van verstopping? Neem dan contact op met je huisarts of consultatiebureau.
     
  • Je baby kan tijdelijk wat meer darmkrampjes krijgen van de flesvoeding, met name als je iets te snel overstapt. Blijf dus steeds naar je baby kijken en pas je afbouwschema aan op het gedrag en de behoefte van je baby.

Voorbeeld schema borst- en flesvoeding

Onderstaand een voorbeeld van een rustig schema, van bijvoorbeeld vijf borstvoedingen naar twee keer borst- en drie keer flesvoeding.

Week 1: borst - borst - borst - fles - borst
Week 2: borst - fles - borst - fles - borst
Week 3: borst - fles - borst - fles - borst
Week 4: borst - fles - fles - fles - borst
Week 5: borst - fles - fles - fles - borst