Borstontsteking

Borstvoeding geven - Borstontsteking

Een borstontsteking is een ontsteking in de borst die vooral voorkomt bij vrouwen die borstvoeding geven. Vaak zijn bacteriën of een verstopt melkkanaaltje de oorzaak van de borstontsteking. Ook kan een onjuiste aanlegtechniek de oorzaak zijn. Je borst wordt dan onvoldoende geleegd waardoor er een ontsteking kan ontstaan. Een borstontsteking is meestal pijnlijk en je kunt er flink ziek van zijn. Hoe kun je een borstontsteking herkennen, wat kun je ertegen doen en hoe voorkom je het?

Symptomen borstontsteking

Vaak begint een borstontsteking met een verstopt melkkanaaltje. Dit herken je aan een pijnlijke, gezwollen harde plek in je borst. Op de plek van de verstopping kan je huid wat rood zijn, maar niet zo rood als bij een borstontsteking het geval is. Meestal heb je bij een verstopt melkkanaaltje nog geen koorts. De verstopping verdwijnt meestal na 24 tot 48 uur. Als het langer duurt en je meer pijn krijgt aan je borst, dan heb je mogelijk last van een borstontsteking. Een borstontsteking is te herkennen aan de volgende symptomen:

  • Je hebt een of meerdere pijnlijke, warme plekken op je borst
  • Je huid kleurt rood op de pijnlijke plek
  • Je hebt pijn tijdens het voeden
  • Je hebt koorts (boven de 38,5°C)
  • Je voelt je flink ziek

Wat kun je tegen borstontsteking doen?

Zodra je een verstopt melkkanaaltje opmerkt, kun je al voorzorgsmaatregelen nemen. Blijf je baby aanleggen en zorg dat je borst goed leeg wordt gedronken. Een warm washandje helpt de melkkanaaltjes verder open te staan. Ook kun je tijdens het voeden de harde plek masseren. Neem voldoende rust, helemaal als je al een borstontsteking hebt. Rust helpt infecties tegen te gaan. Blijf ook gewoon voeden met je pijnlijke borst. Koorts heeft geen negatief effect op de kwaliteit van je borstvoeding. Worden je klachten na 24 uur niet minder? Neem dan contact op met je huisarts, hij kan je eventueel een antibioticum voorschrijven.

Hoe kun je borstontsteking voorkomen?

  • Zorg ervoor dat je je baby goed aanlegt. Krijg je het niet voor elkaar? Schakel dan een lactatiekundige in.
  • Laat je baby je borsten helemaal leegdrinken en wissel genoeg af tussen beide borsten.
  • Houdt enige regelmaat in het geven van borstvoeding, ook als je voedt op verzoek.
  • Neem regelmatig een andere houding aan zodat alle melkkanaaltjes goed worden geleegd.
  • Ben je bezig met het afbouwen van borstvoeding? Neem daar de tijd voor, vervang gemiddeld 1 voeding per week met flesvoeding. Te snel afbouwen kan ook een borstontsteking veroorzaken.
  • Zorg ervoor dat je borsten niet afgekneld worden, door bijvoorbeeld een te strakke beha of dat je de gewoonte hebt om je borst in te drukken om ruimte voor het neusje vrij te houden.