Daarom is voorlezen belangrijk voor je peuter
Je peuter zoekt zelf de boeken uit die hij wil lezen en heeft een duidelijke voorkeur. Hij begrijpt nu waar een boek voor dient. Hij weet dat je plaatjes kunt kijken of lezen, en hij is veel meer in staat om verbanden te leggen en kleuren en aantallen te herkennen.
- Voor je peuter is het lezen en plaatjes kijken een heel belangrijk onderdeel van zijn taalontwikkeling.
- Het is daarom aan te raden regelmatig tijd te besteden aan het lezen van een boek.
- Een boekje lezen helpt ook bij het goed leren kijken, horen en voelen.
- Met een voelboek, een boek vol felle kleuren en patronen of een boekje met geluid, maakt je kind kennis met nieuwe dingen. Hiermee stimuleer je zijn fantasie en voorstellingsvermogen.
Een vast voorleesmoment, bijvoorbeeld voor het slapengaan, geeft je peuter een veilig gevoel. Het ritueel van de vertrouwde stem die vertelt en het kijken naar de plaatjes maken je kind rustig. Hierdoor zal hij sneller in slaap vallen. Of neem je kind gezellig op schoot en verras hem met leuke liedjes en gebaren erbij. Hij zal al gauw proberen de bewegingen na te doen.
Stel vragen
Tijdens het lezen kun je ook dingen aan je kind vragen die op het plaatje te zien zijn, zoals: “Zie jij de bal?” Snapt je kind het niet, dan kun je het hem laten zien. Na dit een paar keer te hebben gedaan, zal je kleine de volgende keer de bal zelf aanwijzen.
Wijs zelf de plaatjes aan en noem op wat je ziet. Je kunt ook je kind vragen om aan te wijzen: "Waar is het… (poesje, vogeltje)?" Je kunt de geluiden maken die bij de plaatjes horen of je kind het laten doen, of iets vertellen over wat je ziet.
Jullie voorleeshoekje
Hoe druk je ook bent op een dag, het kwartiertje lezen voor het slapengaan is zowel voor jezelf als voor je peuter een moment van ontspanning. Maak een knus voorleeshoekje en duik samen met je kind in de wereld van sprookjes en andere verhalen. Je vergeet even de beslommeringen van de dag en kunt optimaal genieten van elkaar. Sluit het kwartier af met een vast slaapliedje of rijmpje. Zo weet je kleine dat de ‘voorleestijd’ is afgelopen en het tijd is om naar bed te gaan.
Om de sfeer van het verhalen vertellen te vergroten, is het leuk om een speciaal plekje te creëren. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Een lekker warme plaid kan al volstaan. Belangrijk is dat je deze alleen op dat moment gebruikt. Je kunt ook vingerpoppetjes, bloemen of knuffeltjes op het kleed vastmaken. Zo krijg je een écht sprookjeskleed. Heerlijk om in weg te kruipen op een regenachtige middag. Of gebruik een klamboe waaraan je kerstverlichting bevestigt. De lichtjes gaan pas aan als het verhaaltjestijd is. Maak het verhalenhoekje niet té leuk, anders blijf je met een boek op schoot zitten!
Voorleestips
- Lees het verhaaltje eerst zelf en vervang moeilijke woorden door makkelijke.
- Gebruik niet te lange en ingewikkelde zinnen.
- Let op je stem! Je weet zelf hoe saai monotoon voorlezen is.
- Probeer eens alle personages een eigen stemmetje te geven, gebruik je mimiek en druk uit wat wordt bedoeld. Is het eten vies? Trek dan een vies gezicht. Is iemand blij? Klink dan ook opgewekt.
- Lees nooit te lang voor, hoe gezellig je het ook vindt. Jonge kinderen kunnen nog niet zo lang stilzitten. Stop ermee als je merkt dat de aandacht verslapt.
- Lees vaker hetzelfde boekje voor. Herhaling is belangrijk voor jonge kinderen: het geeft je kleine houvast. Naarmate hij ouder wordt, leert hij meerdere dimensies van het boekje kennen en begrijpen.
- Probeer je kind bij het voorlezen te betrekken. Geef hem de gelegenheid om zelf op het verhaal te reageren, wijs aan en maak (oog)contact.
- Kies een boek dat je zelf leuk vindt! Als jij plezier beleeft aan het voorlezen, dan maakt het verhaal vanzelf indruk op je kind.
Trefwoorden
- voorlezen peuter
















